Amerikanen in mijn tuin

Amerika is ontevreden over de EU. Observaties vanuit Washington zijn niet mals: in een hoorzitting in februari van de Senaatscommissie voor buitenlandse betrekkingen werd over Europa gesproken als in ‘wanorde’. De commissie kauwt op de mogelijkheid dat het tijd is geworden om ons onder Amerikaanse curatele te plaatsen. Niet van harte trouwens. In de Tweede Wereldoorlog vocht Amerika immers niet alleen tégen de nazi’s, maar ook vóór een toekomst waarin een verenigd Europa nooit meer door Amerika van zichzelf gered zou hoeven worden. De Europese Unie, begonnen als een Amerikaans project, zag het licht en bloeide. Zo weelderig, dat Amerika ervan uitging dat Europa het verder zelf wel afkon. Maar het is weer zover. ‘We moeten van toeschouwer weer speler worden en onze historische rol opnieuw op ons nemen,’ sprak de Executive Vice President van de Atlantic Council, een invloedrijke think tank in Washington.

Welke gevolgen heeft de ‘chaos in Europa’ voor het Amerikaanse buitenlandbeleid?, was de vraag tijdens de hoorzitting. De Atlantic Council verzekerde dat de situatie door opgestapelde crises veel alarmerender is dan tot nu toe gedacht. Het is de hoogste tijd voor Amerika om in Europa in te grijpen. Uit eigenbelang: Amerika kan niet bestaan zonder een partner die financieel en militair in staat is om de VS bij te staan als het erop aankomt.

Aan Europa’s oostgrens loeren de Russen op hun kans om de verliezen van de Koude Oorlog in te lopen. Aan Europa’s zuidgrens gutsen vluchtelingen en de jihad binnen. Maar toch, zegt de Atlantic Council, komt het échte gevaar voor Europa niet van buiten, maar van binnen. Europeanen verliezen het vertrouwen in het Europese project. Volgens de Council ontbreekt het in Europa aan visie en leiderschap, waardoor de solidariteit tussen Europese staten en de scepsis richting Brussel steeds groter wordt. De Europese leiders struikelen van crisis naar crisis. Kortetermijndingetjes lukken dan nog wel, maar de belangrijke, grote langetermijnkwesties laten ze liggen. De Britten hebben het te druk met hun Brexit-discussie. Frankrijk wil het alleen nog maar over de aanslagen in Parijs hebben. Duitsland durft geen militaire verantwoordelijkheid te nemen uit angst voor nazi’s te worden uitgescholden. Intussen steken in Centraal-Europa populisme en nationalisme hun lelijke koppen op en wankelt Zuid-Europa onder armoe en jeugdwerkloosheid. Amerika ziet zijn belangrijkste economische en militaire partner versterven. Als Amerika wil voorkomen alleen in de wereld te komen staan, moet Washington van Europa’s interne problemen Amerika’s probleem maken: ‘Door afzijdig te blijven maken we Europa’s problemen alleen maar erger.’

Wat we kunnen verwachten vanaf heden, als het aan de Atlantic Council ligt: dreigementen aan het adres van Brussel. Hervorm, want door jullie willen lidstaten weglopen. Dreigementen aan het adres van linkse en rechtse extremisten: er is geen plaats voor jullie in de ‘Amerikaans-Europese gemeenschap’. Dreigementen aan het adres van de Russische president Poetin, door nog meer NAVO-troepen langs de ‘Amerikaans-Europese oostgrens’ te parkeren. Niks doen is geen optie. Alleen Amerika kan de Europese preoccupatie met de eigen navel doorbreken en de transatlantische gemeenschap weer unificeren achter het grotere doel. ‘Óf we verenigen ons om onze toekomst vorm te geven, óf we verkwanselen die aan minder welwillende spelers. Of aan chaos.’

‘Een nieuw tijdperk van Amerikaans leiderschap’ breekt aan. Tenzij Donald Trump in november tot president wordt gekozen natuurlijk. Die vindt dat Poetin (die hij een 10 geeft voor leiderschap) de crises rond het Midden-Oosten en al die emigranten maar moet oplossen en dat Duitsland Oekraïne onder zijn hoede moet nemen. ‘We zijn niet de politieman van de wereld,’ zei Trump. Of Bernie Sanders wordt president. Dan ziet het scenario voor Europa er ook weer anders uit. Sanders gaat de NAVO afschaffen en met Rusland een nieuwe club beginnen.

Ik maak me vooralsnog geen zorgen over Amerikanen in mijn achtertuin.