De eeuwige oorlog

In de 21ste eeuw zullen de verschillen tussen de staat van oorlog en de staat van vrede steeds verder vervagen, zeggen strategen. Oorlogen worden niet meer verkláárd, zoals in vroeger tijden.

De moderne ‘hybride’ oorlogen beginnen gewoon ergens en partijen gebruiken alle mogelijke middelen die ze hebben – politieke, communicatieve, economische, computertechnische, diplomatieke – om de opponent 24/7 van alle kanten te kunnen bestoken, met propaganda, handelsboycots, bommen, conferenties, computervirussen, ga maar door. Bevolkingen zijn vijfde colonnes, gijzelaars of schilden in de strijd en humanitaire hulp is een wapen dat je inzet waar het je eigen doel het beste dient. Dat Rusland een comeback maakt als een van ’s werelds grote hulpdonoren dient strategische doelen. De steun moet de Russische invloed in de eigen regio helpen bevorderen: de landen die de meeste Russische hulp krijgen zijn de voormalige Sovjet-republieken. En de miljoentjes die Rusland, als het zo uitkomt, doneert aan Afrikaanse vluchtelingencrises en ebola-uitbraken, zijn bedoeld om het Russische imago op het internationale politieke toneel op te poetsen.

In januari 2013 verklaarde Ruslands hoogste militair, generaal Valeri Gerasimov, in een toespraak tot de Academie voor Militaire Wetenschappen dat Rusland zich als de sodeju de tactieken van de hedendaagse hybride oorlogsvoering moest zien eigen te maken om een antwoord te hebben op de hybride oorlog die het Westen tegen Rusland voerde. De crisis in de Oekraïne was nog niet begonnen. De voorbeelden die Gerasimov aanhaalde waren de opstanden in de Arabische Lente en de Libische burgeroorlog, waar westerse huurlingen optrokken met lokale rebellen. Eerder beweerden Amerikaanse krijgswetenschappers dat het juist andersom was: het was het Westen dat zich moest zich leren verdedigden tegen de hybride streken van anderen. ‘In plaats van afzonderlijke uitdagers met benaderingen die fundamenteel verschillen (conventioneel, ongeregeld of terroristisch) moeten we ons voorbereiden op tegenstanders die ál die vormen en tactieken gebruiken, zelfs tegelijkertijd,’ schreef het Potomac Institute for Policy Studies in 2007.

George Orwell beschreef al lang geleden voor ons een wereld waarin oorlog vrede was. De oorlogen die niet verklaard worden zijn altijd en overal en voor wie de wereld ziet als één groot, permanent oorlogstoneel, is alles wat iedereen doet een oorlogshandeling. Westerse sancties tegen Rusland? Een daad van oorlog. De westerse media die het conflict over de Oekraïne beschrijven als een post-imperialistische rotstreek van Rusland? Oorlogspropagandisten. Russen die de Londense City opkopen? Oorlog. De connecties van Bulgaarse misdaadorganisaties met Russische? Idem. Het computervirus dat tot in Spanje aan toe de elektronische systemen van Europese energiebedrijven bleek af te lezen? Duh! Oorlog natuurlijk. Zoals de protestmarsen in Moskou tegen oneerlijke Russische verkiezingen in 2011 en 2012 aanvallen van het Westen op Rusland waren en het smoren van die protesten een overwinning van president Poetin tegen de externe vijand.

De waarschuwing van NAVO-hoofd Rasmussen dat Rusland in het geniep Europese milieugroepen financiert om protesten te organiseren tegen gasboringen in Europa en Europa afhankelijk te houden van Russisch gas, is anti-Russische propaganda, dat snapt iedereen. En Greenpeace dat de aantijging als belachelijk van tafel veegt en zegt zich af te vragen ‘wat ze roken in het NAVO-hoofdkwartier’? Rusland-knuffelaars! Net als Gerhard Schröder, voormalig Duits bondskanselier. Hij ging ná de Russische aanval op Oekraïne gewoon naar Poetins verjaardagsfeest. Duitsland was van alle EU-lidstaten de grootste tegenstander van verhoogde economische druk op Rusland, het zal u niet verbazen.

Deze column in de Militaire Spectator? Yep. Hoort ook bij de oorlog. En alle volgende columns ook. Want een oorlog die nooit officieel begint, houdt officieel ook nooit meer op.