Gouden tijden

De wapenindustrie beleeft gouden tijden. Internationaal zette de branche voor 420 miljard dollar om: een stijging van 4,6 procent (2018). Chinese wapenfabrikanten worden overigens in deze totalen niet eens meegeteld. SIPRI, het Stockholm International Peace Research Institute dat de statistieken verzamelt, weet van China nooit betrouwbare cijfers los te peuteren.

Tachtig wapenfabrikanten uit de top 100 bevinden zich in de VS, Europa en Rusland. De overige tophonderdbedrijven zijn verspreid over bijvoorbeeld Japan, Israël, India, Zuid-Korea en Turkije.

De absolute kampioen is en blijft Amerika: Amerikaanse bedrijven namen 35 procent van de totale wereldomzet voor hun rekening.

Rusland stond altijd op de tweede plaats, maar die positie is discutabel. Zou je namelijk de Europese landen die belangrijk zijn in de wapenindustrie bij elkaar optellen (het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Duitsland, Spanje, Italië en Nederland), dan zou de Europese Unie de tweede plaats toekomen. Europese landen zetten gezamenlijk 102 miljard dollar om. Rusland kwam tot 36 miljard dollar.

Is dat veel, wat wapenhandelaren verdienen, of moeten we het ervoor over hebben? Het is maar hoe je er tegenaan kijkt. Jeffrey Sachs, de meest toonaangevende ontwikkelingseconoom ter wereld, berekende dat er 175 miljard dollar per jaar nodig is, twintig jaar lang, om een einde te maken aan extreme armoede op deze planeet. Ikzelf neig naar ‘veel’ dus.

Journalist Christiaan Weijts van NRC Handelsblad snuffelde eind november 2019 rond op de NIDV Exhibition Defence & Security, jaarlijks georganiseerd door de stichting die bemiddelt tussen bedrijfsleven en het ministerie van Defensie. Het is een wapenbeurs, want: ‘Nachtkijkers of droneverkenners nodig voor uw oorlog? U vindt het hier’, schreef Weijts.

Stomverbaasd was hij dat wapenfabrikanten er gewoon in kraampjes stonden, zoals bij elke beurs. Hij had gedacht dat ze hun pantserwagens, ballistische schilden en raketwerpers liever een beetje verborgen zouden houden, maar in plaats daarvan prezen ze hun dodelijke waar aan met reclameslogans als ‘Smartshooter. One shot, one hit’, en ‘Perform and survive’.

Weijts hoorde met net zoveel verbazing de openingsspeech van staatssecretaris Barbara Visser (Defensie, VVD) over ‘nieuwste innovaties’, ‘nieuwe projecten op de markt’, ‘projectontwikkeling’, ‘veel orders en veel banen in Nederland.’ Maar Nederland staat nu eenmaal elk jaar op of rond de tiende plaats op de lijst van grootste wapenhandelaren. Nederland exporteert vooral F-16’s, tanks en schepen, of grote onderdelen zoals vliegtuigmotoren en scheepsradarinstallaties.

Bijna de helft van alle westerse wapens gaat overigens naar oorlogsgebieden in het Midden-Oosten, onderzocht SIPRI. Saoedi-Arabië voert de lijst aan van grootste wapenimporteurs. In Londen rolden ze in 2018 het rode tapijt nog uit voor de Saoedische kroonprins, die met een boodschappenlijstje kwam met 78 gevechtsvliegtuigen, 72 gevechtshelikopters en 328 tanks erop. Londen exporteert inmiddels de helft van zijn wapens naar Saoedi-Arabië. De Saoedi’s gebruiken die vooral in de burgeroorlog in Jemen. Die begon in 2015; Amerika en de Europese landen leveren er 98 procent van de wapens voor. Tienduizenden burgers kwamen door die wapens om het leven. Honderdduizenden bezweken door honger, want oogsten worden gebombardeerd.

Het viel NRC-verslaggever Weijts op dat over slachtoffers van onze wapenhandel op de beurs niets te vinden was. Voor de deur zwaaiden wat actievoerders met foto’s van verwoeste dorpen, maar dat protest richtte zich vooral op de aanwezigheid van Israëlische wapenproducenten op de beursvloer.

Over vluchtelingenstromen die door westerse wapens worden veroorzaakt, waarvan een deel naar de EU onderweg gaat, was in de beurshal ook geen letter te vinden.